Eens een Kees, altijd een Kees.

De grote grijze Keeshond

 DE RASSTANDAARD

 

1. STANDAARD

De standaard is gepubliceerd in februari 1992. Waak- en gezelschapshond. FCI-groep 5, Europese keeshonden zonder werkproef. Goedgekeurd Algemene Vergadering van de Verein für Deutsche Spitze e.V. in maart 1990.

Laatste wijziging: 5-3-1998, nr. 97.

 

2. KORTE HISTORISCHE SAMENVATTING

De Keeshond stamt af van de Turfhond uit het Stenen Tijdperk, 4000 jaar voor Christus (Canis familiaris palustris, oudheidkundige Rüthimeyer, en van de latere paalwoning keeshonden.Het oudste hondenras in Centraal Europa, veel rassen stammen hier van af. In niet-Duits sprekende landen is de Wolfspitz bekend als keeshond en de dwergspitz als pomeranians.

 

3. ALGEMEEN VOORKOMEN

De keeshonden vallen op door hun prachtige vachten, die door een rijke ondervacht afstaat. Bijzonder opvallend is de stevige, manenachtige kraag rond de nek en de zeer zwaar behaarde staart, fier over de rug gekruld. Het vosachtige hoofd met oplettende ogen, kleine spitse, dicht bij elkaar geplaatste oren, geeft de keeshond zijn unieke karakteristieke, parmantige uitdrukking.

 

4. BELANGRIJKE VERHOUDINGEN

De verhouding van de schofthoogte tot de lichaamslengte is 1:1.

 

5. GEDRAG EN KARAKTER

De Keeshond is altijd oplettend, levendig en bijzonder aanhankelijk aan zijn baas. Hij is erg leergierig en gemakkelijk op te voeden. Door zijn wantrouwen tegenover vreemden en zijn gebrek aan jachtinstinct is hij een ideale waakhond voor huis en hof. Hij is noch angstig noch agressief. Hij past zich goed aan de verschillende weersomstandigheden, met zijn robuustheid en zijn lange levensverwachting behoort dit tot zijn meest opvallende eigenschappen.

 

6. HOOFD

Schedelgedeelte
Het middelgrote hoofd van de Keeshond is van bovenaf gezien achter het breedst en versmalt wigvormig naar de punt van de neus. Van opzij gezien vertoont het een matige stop, maar nooit abrupt.

 

7. GEZICHTSGEDEELTE

Snuit
De snuit is niet te lang, noch grof noch spits, en staat in goede verhouding tot de schedel. (Bij de Grijze Keeshond, de Grote Keeshond en de Middenslag Keeshond is de verhouding ongeveer 2:3, bij de Kleine Keeshond en de Dwergkeeshond ongeveer 2:4.)

Neus
De neus is rond, klein en geheel zwart, donkerbruin bij de bruine keeshond.

Lippen
De lippen sluiten goed, niet overhangend en vertonen geen plooien in de mondhoeken. Ze zijn geheel zwart bij alle kleurslagen, bruin bij de bruine keeshond.

Kaken en tanden
De kaken zijn normaal ontwikkeld en hebben een volledig schaargebit met 42 tanden bij de Grijze, Grote en Middelgrote keeshond, waarbij de bovenste snijtanden zonder tussenruimte over de onderste sluiten en de tanden loodrecht in de kaak staan. Bij de kleine kees en dwergkeeshond is een klein gebrek aan premolaren toegestaan. Bij alle variëteiten is een tanggebit toegestaan.

Wangen
De wangen zijn iets gerond, niet te opvallend.

Ogen
De ogen zijn middelgroot, amandelvormig, iets schuin staand en donker van kleur. De oogleden zijn bij alle kleurslagen zwart gepigmenteerd donkerbruin bij de bruine keeshond.

Oren
De oren van de keeshond zijn klein en dicht bij elkaar geplaatst, spits, 3-hoekig, hoog aangezet en altijd rechtop gedragen, stevige punten.

Hals
De middellange hals is aan de schouders breed aangezet, licht gewelfd, zonder keelhuid en bedekt met een dikke overvloedige vacht die een grote kraag vormt.

 

8. LICHAAM

Bovenbelijning
De bovenbelijning begint aan de punten van de rechtop gedragen spitse oren en gaat in een lichte boog over in de korte, rechte rug. De vol behaarde, gekrulde staart, die gedeeltelijk de rug bedekt, vervolmaakt het silhouet.

Schoft/rug
De hoge schoft loopt ongemerkt over in de zo kort mogelijke, rechte, sterke rug. De lendenen zijn kort, breed en krachtig.

Croupe
De croupe is breed en kort, niet afhellend.

Borst
De diepe borst is goed gewelfd, de voorborst goed ontwikkeld.

Onderbelijning
De borstkas loopt zo ver mogelijk naar achteren door, de buik licht opgetrokken.

Staart
De staart is hoog aangezet en middelmatig lang. Meteen aan de staartwortel naar boven en naar voren over de rug gerold, vast op de rug liggend en zeer rijk behaard. Een dubbele krul aan het uiteinde van de staart wordt aanvaard.

 

9. LEDEMATEN

Algehele voorhand:
Recht, tamelijk breed front.

Schouders
Het schouderblad is lang en schuin naar achter liggend. De opperarm, die ongeveer even lang is, vormt een hoek van 90 graden met het schouderblad. De schouder is goed bespierd en stevig aan de borstkas verbonden.

Ellebogen
Het ellebooggewricht is stevig, ligt tegen de borstkas aan en draait noch in, noch uit.

Voorbenen
De voorbenen zijn middellang, in verhouding tot het lichaam stevig en geheel recht, aan de achterkant goed bevederd.

Voor-Middelvoet
De krachtige, middellange voor- middelvoet staat t.o.v. de onderarm in een hoek van 20 graden verticaal gezien.

Voorvoeten
De voorvoet is zo klein mogelijk, rond en gesloten, zogenaamde kattenvoeten met goed gewelfde tenen. De teennagels en -zolen zijn zwart bij alle kleurslagen, maar donkerbruin bij bruine honden.

 

10. ACHTERHAND

Algemeen
De achterhand is zeer gespierd en tot het spronggewricht voorzien van een weelderige broek. De achterbenen staan recht en parallel.

Boven- en onderdijbenen
Boven- en onderdijbenen zijn beiden even lang.

Kniegewricht
Het kniegewricht is krachtig en slechts licht gehoekt. Draait bij het gaan noch naar binnen, noch naar buiten.

Hak

De hak is middelmatig lang, erg krachtig en loodrecht op de grond.

Achtervoeten
De achtervoeten zijn zo klein mogelijk, met goed gesloten en gewelfde tenen, met stevige voetzolen. De kleur van de nagels en voetzolen is zo donker mogelijk.

 

11. GANGWERK

De Keeshond heeft een goed stuwend, vloeiend en veerkrachtig gangwerk in een lichte draf. De ledematen worden recht vooruit bewogen.

 

12. HUID

De huid ligt strak op het lichaam zonder enige plooien.

 

13. VACHT

Samenstelling van de vacht

De Keeshond heeft een dubbele vacht.Lange, rechte, afstaande bovenvacht en korte dikke wollige ondervacht. Hoofd, oren, voorkant van voor- en achterbenen en de voeten zijn bedekt met kort, dik, fluwelig haar. De rest van het lichaam heeft een lange rijke vacht. Niet golvend, krullend of ruig, geen scheiding op de rug. Hals en schouders zijn bedekt met een dikke kraag. De achterkant van de voorbenen zijn goed bevederd. De achterbenen zijn vanaf de croupe tot het spronggewricht voorzien van een weelderige broek. De staart is rijkbehaard.

Kleuren
Grijze Keeshond: Wolfsgrauw (grauwgewolkt).
Grote Keeshond: Zwarte bruin en wit.
Middenslag Keeshond: Zwart, bruin, wit, oranje, wolfsgrauw en andere kleuren.
Kleine Keeshond: Zwart, bruin, wit, oranje, wolfsgrauw en andere kleuren.
Dwergkeeshond: Zwart, bruin, wit, oranje, wolfsgrauw en ander kleuren.

 

ZWARTE KEESHOND

Bij een zwarte Keeshond moeten de ondervacht en huid ook zwart (donker) zijn en de bovenkleur moet diepzwart zijn, zonder enig wit of andere aftekeningen.

BRUINE KEESHOND

De bruine keeshond moet gelijkmatig effen donkerbruin zijn.

WITTE KEESHOND

De vacht moet zuiver wit zijn, zonder enig spoor van geel, dat vooral op de oren veel voorkomt.

ORANJE KEESHOND

De oranje Keeshond moet gelijkmatig eenkleurig zijn in de middeltint (met een middelmatige nuance)

WOLFSGRAUWE KEESHOND

De snuit en de oren zijn donker. Rond de ogen is er een tekening als van een zuiver gemarkeerd brilletje, die een delicaat getekende lijn vormt, vanuit de buitenste oogpunt naar de onderste ooraanzet en die samen met de zuivere markeringen en schaduwrijke vervloeiïngen korte en expressieve wenkbrauwen vormt.
Zilvergrijs met zwarte haarpunten. Lichtere kraag en manen. Voor en achterbenen zilvergrijs zonder zwarte aftekening onder de elleboog of knie, m.u.v. lichte strepen over de tenen. Zwarte staartpunt. Onderkant staart en broek licht zilvergrijs.

ANDERS KLEURIGE KEESHOND

Onder de benaming "anderskleurige" vallen alle tinten, zoals créme, zandkleurig cream, oranjezandkleurig, black & tan en gevlekt. De hoofdkleur bij de gevlekten moet wit zijn. De zwarte, bruine, grijze of oranje plekken moeten verdeeld zijn over het hele lichaam.

 

14. MAAT

Hoogte vanaf de schouders:
Grijze Keeshond: 49 cm +/- 6 cm.
Grote Keeshond: 46 cm +/-4 cm.
Middelgrote Keeshond: 34 cm +/-4 cm
Kleine Keeshond: 26 cm +/- 3 cm.
Dwergkeeshond: 20 cm +/- 2 cm. Honden kleiner dan 18 cm niet gewenst.

 

15. GEWICHT

Elke variëteit Keeshond moet een gewicht hebben dat in verhouding staat tot zijn grootte.

 

16. FOUTEN

Elke afwijking van bovengenoemde punten moet als een fout worden beschouwd, waarvan de mate van beoordeling in verhouding moet staan tot de graad van de afwijking.

 

17. ERNSTIGE FOUTEN

1. Te vlak hoofd. Uitgesproken appelhoofd.
2. Te groot en te licht oog. Bol oog.
3. Vleeskleurige neus, oogleden en lippen.
4. Bij de grijze-, grote en middelgrote Keeshond: ontbrekende premolaren.
5. Ontbreken van de karakteristieke tekening op het gezicht van de Grijze Keeshond.
6. Fouten in lichaamsbouw en gangwerk.


18. DISKWALIFICATIEFOUTEN

1. Open fontanel.
2. Tip oren.
3. Entropion of ectropion.
4. Boven- of onderbijter.
5. Duidelijke witte plekken bij alle maten.

 

 

 

(Bron: Nederlandse Keeshonden Club)